UTRECHT – De Utrechtse rechtbank heeft de 30-jarige E.B. veroordeeld tot anderhalf jaar cel wegens poging tot zware mishandeling en handel in drugs. Deze straf was ook tegen hem geëist. B. had op 9 april een ontevreden klant, die op Hoog Catharijne van hem cocaïne had gekocht met een mes gestoken. In de uitspraak liet de rechtbank meewegen dat B. zelf geen drugs gebruikte en ‘enkel uit winstbejag” handelde.
Uitspraak meervoudige kamer vrijdagochtend 27 juni.
UTRECHT – De Utrechtse rechtbank heeft de strafzaak tegen de 20-jarige utrechter R. van A. aangehouden. Hij wordt ervan beschuldigd op 19 maart brand te hebben gesticht in een opvanghuis aan de Weerdsingel. De rechtbank wil de jongen nog de kans geven zich onder behandeling te laten stellen in een psychiatrische inrichting.
De jongen, die een tijd in het opvanghuis had gewoond, had daar uit wraak op 19 maart met een vriend een molotov-cocktail naar binnen geworpen. Hij verklaarde dat hij daar nog geld tegoed zou hebben en boos was dat hij dat niet kreeg. In de woonkamer zaten op dat moment enkele mensen. De kleding van een meisje had vlamgevat, maar zij wist dit te doven door over de grond te rollen. Ook de andere vlammen konden worden gedoofd.
Om bij de Weerdsingel te komen had de jongen zich bediend van een gestolen brommer. Hij was al eerder met justitie in aanraking geweest, onder meer wegens een gewapende overval.
“We hebben lang moeten nadenken, want we hebben vreselijk veel aanwijzingen dat het niet goed zal gaan”, verklaarde de voorzitter van de rechtbank Mr. P.
van Schendel na beraad. Een teken aan de wand vond hij dat Van. A. zich onlangs rap uit de voeten had gemaakt, toen zijn voorlopige hechtenis even was geschorst om kennis te maken bij Groot Batelaar. Hij had zijn kans schoon gezien, toen hij bij zijn begeleider in de auto zat en moest wachten voor de slagboom voor het huis van bewaring.
Toch volgde de rechtbank het advies van officier van justitie Mr. A. Kuus. Die zag de behandeling als een laatste kans om nog op het goede pad te komen.
“Anders gaat het waarschijnlijk echt mis en zien we hem hier iedere keer weer terug”, aldus Mr. Kuus.
UTRECHT – Tegen de 22-jarige M.M. en A.A. uit Utrecht zijn gevangenisstraffen van twaalf en acht maanden geëist. Beiden stonden vrijdag voor de Utrechtse rechtbank, omdat ze ervan werden beschuldigd dat ze in de nacht van 22 op 23 april op Hoog Catharijne twee mannen van hun portefeuille zouden hebben beroofd.
M. was bovendien nog het plegen van zes vermogensdelicten ten laste gelegd. Drie maanden van de geëiste straffen is voorwaardelijk.
“Tegen dit soort nachtelijke diefstallen met geweld op Hoog Catharijne moet hard worden opgetreden”, hield officier van justitie Mr. A. van Breukelen de twee verdachten voor.
De twee waren op aanwijzingen van de twee slachtoffers door de spoorwegpolitie aangehouden en door hen later ter plekke en op het politiebureau herkend. Beiden ontkenden echter.“Hier klopt helemaal niets van”, aldus de verdachten op de zitting. Ze verklaarden alleen te hebben gezien hoe de een van de twee mannen werd beroofd, maar zeiden dat ze hier niet aan mee hadden gedaan.
Hun raadslieden, Mr. J. Hoogbergen en Mr. A. van Roo, bepleitten vrijspraak.
“Dit is een zaak van onzekerheden. De beroofden hadden het over mannen met een donker uiterlijk. Er houdt zich een hele groep Marokkanen op Hoog Catharijne op”, aldus Mr. Van Roo. Hij vond dat er over de herkenning teveel twijfels en tegenstrijdigheden in de getuigenverklaringen zaten. “Mijn cliënt kun je niet alleen om zijn donker uiterlijk als verdachte aanwijzen”, bracht de raadsman naar voren. Die bepleitte tevens een schorsing van de voorlopige hechtenis. De rechtbank gaf hier echter geen gehoor aan. De uitspraak is op 10 juli.
UTRECHT – Achttien maanden gevangenisstraf en voorwaardelijke TBR staan een 29-jarige inwoner van Amersfoort te wachten als de Utrechtse rechtbank besluit de eis van officier van justitie Mr. K. Westerman te volgen. De Amersfoorter werd beschuldigd van poging tot doodslag op het anderhalf jaar oude kind van de vrouw met wie hij samenwoont.
Verdachte bekende vrijwel alle feiten die de officier hem verweet en dat waren er veel. Nadat hij in februari van dit jaar bij zijn vriendin was ingetrokken, mishandelde hij haar kind één à twee keer per week. Volgens de officier was er in april binnen twee weken vier maal sprake geweest van ‘exeptioneel geweld”, met een uitbarsting op de 18e van die maand.
De man stompte en sloeg het kind toen, zette het onder een ijskoude douche, sloeg het met het hoofd tegen een kast en gooide het over een afstand van drie meter tegen de bank. Vier dagen lang kon het geen enkele beweging maken zonder pijn. Volgens artsen was het een klein wonder dat het kind nog leefde.
Psychiaters stelden vast dat verdachte op het moment van de mishandelingen verminderd toerekeningsvatbaar was.
Het mocht van de officier dan wel niet de bedoeling zijn geweest het kind te doden, maar uit zijn handelingen had verdachte moeten begrijpen dat de gevolgen fataal hadden kunnen zijn. volgens Mr. Westerman was het ‘puur toeval” dat het kind was blijven leven. Dat lag volgens hem niet aan de wil van de verdachte.
De Amersfoorter en zijn advocate, Mr. E. Cloudt, dachten daar anders over.
Ondanks het bekennen van de feiten achtte Mr. Cloudt de poging tot doodslag niet bewezen. Volgens de advocate moest de man zich hebben ingehouden. Mr. Cloudt: “Eigenlijk stond niets en niemand hem in de weg het kind te doden, behalve hijzelf.” Zij vroeg de rechtbank milder te vonnissen dan de officier eiste. De rechtbank, die het verzoek van Mr. Cloudt om de zaak achter gesloten deuren te behandelen afwees, doet op 10 juli uitspraak.
David Jan, Meervoudige Kamer geen intitialen i.v.m. de ‘gevoeligheid” van de kwestie. mochten jullie ze toch per sé willen gebruiken: G. van O.
UTRECHT – “Mijn cliënt heeft zo”n gebrekkige emotionele ontwikkeling dat ik hoop dat er nog iets te redden valt. Als er iemand ‘piep” zegt gaat hij weer aan de gang.” Met deze woorden vatte de advocate van de 19-jarige H. van de L. uit Utrecht, Mr. E. Bos-Veterman, vrijdag het probleem samen waarvoor de Utrechtse rechtbank zich gesteld zag.
Van de L. werd ervan beschuldigd in april van dit jaar samen met een stadgenoot en gewapende overval te hebben gepleegd op een uitzendbureau aan de Biltstraat.
De buit bedroeg ruim 30.000 gulden. In maart, enkele dagen nadat hij uit een heropvoedingstehuis was ontslagen, hadden Van de L. en zijn compagnon voor ruim zesduizend gulden aan kleding gestolen uit een winkel aan de Amsterdamse Straatweg.
Vooral de overval op het uitzendbureau zag er volgens officier van justitie, Mr. K. Westerman, ‘professioneel” uit. Van te voren waren een motorfiets, helmen, joggingpakken en messen gestolen. “Een duidelijk planmatige aanpak”, volgens de officier. Hij eiste een gevangenisstraf van een jaar, waarvan vijf maanden voorwaardelijk, met als bijzondere voorwaarde dat Van de L. zich onder toezicht van de reclassering stelt.
Mr. Bos-Veterman verzocht de rechtbank de straf te matigen, zodat haar cliënt zo spoedig mogelijk de begeleiding zou krijgen ‘om nog iets te redden”. Dat zou meer zin hebben dan langdurige gevangenisstraf, gezien de lange lijst van veroordelingen die Van de L. vanaf 1981 had aangelegd. Heel voorzichtig stelde de raadsvrouw een alternatieve straf voor, zodat Van de l.
‘onder de paraplu van de reclassering” buitenwerk zou kunnen doen.
“Dat is een gedachte die we zeker zullen meenemen”, beloofde rechtbankvoorzitter Mr. P. van Schendel. De officier was minder enthousiast over het voorstel. “Dat station is meneer al gepasseerd”, vond Mr. K. Westerman.
De rechtbank doet op 10 juli uitspraak.
David Jan Meervoudige Kamer vrijdagmiddag 27 juni.
(Door hem uitgetypt op de Remingtonschrijfmachine, door Eduard overgetikt op de Olivetti-schootcomputer en ‘gedownloaded’ op de BBC, vervolgens doorgezonden per Bonwell-Modem naar Atex.)
We onderhouden alweer drie jaar de website van de glossy ‘TegelTotaal’ over de tegelbranche, die we ook hebben ontworpen.https://t.co/bqqDjPYmnB pic.twitter.com/VqTJ7yRzrf
— De Multimediahoek (@Multimediahoek) January 6, 2021