Wilgstraat 61, 2565 MC  DEN HAAGtel. 070 - 7370111 • fax 084 - 8829521KvKnr 27178571

Politierechter donderdagochtend 5 juni

UTRECHT – “Wat ze zeggen is niet waar. Ik vecht voor mijn vrouw en kinderen. Ik blijf bij mijn vrouw of ga naar een club toe.” Dat zei de 39-jarige Soestenaar J.A. tegen politierechter Mr. Th. Clarenbeek. Hij werd beschuldigd van onzedelijke handelingen met een minderjarig meisje in zijn woning in Soesterberg. Conform de eis werd hij veroordeeld tot vier maanden voorwaardelijke gevangenisstraf.

donderdag 5 juni 1986

De zaak was op 8 januari vorig jaar al voor een andere politierechter geweest. Om allerlei redenen, die nu ook Mr. Clarenbeek onduidelijk waren, was hij toen uitgesteld. Doordat het feit nu was verouderd, wilde Mr. Brouwer het in zijn eis op alleen een voorwaardelijke gevangenisstraf houden.

G. staat al geruime tijd onder toezicht en zijn gezin woont niet bij hem in. Wel komen de kinderen eens in de twee weken bij hem logeren. Begin ’84 had de man een advertentie geplaatst waarin hij vroeg om een weekend-oppas. Een meisje dat zich hiervoor had gemeld, werd door hem op 17 februari lastig gevallen toen ze in de logeerruimte in bed lag. Ook was ze herhaaldelijk onzedelijk betast toen ze van de man gebruikte kleding moest passen. Een maand later deed ze aangifte.

De man bleek al herhaaldelijk door de politie gewaarschuwd, omdat er al vaker meldingen waren binnengekomen. Tijdens het verhoor had de man zijn gedrag toegegeven, maar op de zitting ontkende hij in alle toonaarden. “Ik ben door de politie onder druk gezet”, was zijn commentaar.

Gezien de uiterst gedetailleerde verklaring van het slachtoffer achtte officier van justitie Mr. O. Brouwer de feiten echter bewezen. Hij betreurde dat A. alles ontkende. “Daardoor maakt de man hulp onmogelijk”, aldus de officier, die aanwijzingen had dat de man nog steeds op deze wijze meisjes benadert.

Ook Mr. Clarenbeek dacht uit de psychiatrische rapportage over de man te kunnen opmaken, dat hij inderdaad zelf van zijn onschuld overtuigd zou kunnen zijn, maar wees wel op de gevolgen daarvan. “U blokkeert alles wat beter is dan we nu aan het doen zijn. We staan machteloos”, sprak hij toen hij vonnis wees.

Politierechter donderdagmiddag 5 juni

UTRECHT – De 27-jarige utrechter J.B. was zo boos op zijn baas vanwege het uitblijven van zijn vacantiegeld, dat hij op 30 juli vorig jaar na werktijd bij zijn bedrijf in Zeist door een raampje naar binnen klom en 450 gulden meenam.
De Utrechtse politierechter veroordeelde hem donderdag tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van een maand en een boete van 750 gulden. Er was een maand cel onvoorwaardelijk geëist, omdat B. vaker wegens vermogensdelicten met de rechter in aanraking was gekomen.

De raadsman van B., Mr. R. van Roo, bracht naar voren dat B.’s baas hem toch in dienst had gehouden en de aangifte zelfs nog in had willen trekken. Volgens Mr.
Van Roo had de man zijn cliënt het uitbetalen van het vakantiegeld voortdurend uitgesteld en de betaling uiteindelijk zelfs geweigerd. Daarom was B.’s handelen volgens hem ‘emotioneel inschaalbaar”.

UTRECHT – De Utrechtse politierechter heeft de 41-jarige Groninger H.H. tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken veroordeeld. Dat was ook de eis.Hij had op 25 juni en op 12 juli in Zeist een auto gestolen.
De man is sinds 1971 regelmatig in contact met de rechter geweest. Hij heeft de gewoonte om in parkeergarages te zoeken naar wagens waar de sleutels nog in ‘t slot zitten, om er vervolgens in weg te rijden. Bij de politie heeft hij verklaard dit te doen omdat hij ”op zoek is naar de vrijheid‘. De diverse andere autodiefstallen waar de Groninger van werd beschuldigd konden hem niet ten laste worden gelegd omdat die niet in de dagvaarding stonden en de man niet op de zitting was verschenen.

“Dit zou vroeger een geval voor TBR zijn geweest”, verzuchtte politierechter Mr. P. van de Vijver toen hij vonnis wees.

UTRECHT – Wegens mishandeling van de chauffeur van een legertruck is de 39-jarige Soestenaar W.G. door de Utrechtse politierechter veroordeeld tot twee weken voorwaardelijke gevangenisstraf en 400 gulden boete. Dit was ook tegen hem geëist.
G. probeerde op 18 juni vorig jaar de truck in Maartensdijk in te halen, maar halverwege werd hij naar zijn zeggen ‘klem werd gezet tegen de berm”. Omdat hij - zoals hij op de zitting zei - ‘knap nijdig” was geworden, blokkeerde de Soestenaar vervolgens de weg. Tijdens de woordenwisseling die volgde liep de bestuurder van de truck door twee rake klappen een blauw oog en een hersenschudding op.


/ Voor print en webontwerp / Portfolio en Curriculum / De politierechter: vonnissen een jaar na dato / Politierechters 1986 / Politierechter donderdagochtend 5 juni


> Schrijf een beoordeling